ms Oranje

Verhaal over onze reis met de Oranje , 2

Verhaal over onze reis met de Oranje , 20 december...

Verhaal over onze reis met de Oranje , 20 december 1958 (Tanjung Priok) – 13 januari 1959 (Amsterdam) “Een verhaal over migratie” In onze huiskamer in Kebon Sirih, Jakarta, stond op een dag een houten container, zo groot als een fietsschuurtje. Gevuld met huisraad, zoals een rotan zitje, bulzakken e.d. die later naar de haven, TanjungPriok, zou worden gebracht. Mijn vader had onze reis goed voorbereid en hij wist als geen ander wat hem te wachten stond. Als ambtenaar bij de Hoge Commissariaat in Jakarta, begeleidde hij veel mensen bij hun reizen naar Nederland. Afscheid nemen van familie en kennissen gebeurde in de weken voor ons vertrek tijdens loodzware bezoeken, telkens eindigend in tranen. Ook onderging het hele gezin een ritueel, onder leiding van een huisvriend en dukun, om ons te beschermen tijdens de komende zeereis en voor een onzekere toekomst in het verre en koude Belanda. Een bewust gekozen vlucht uit een geboorteland. Er is een foto, genomen op de dag van vertrek naar Tanjung Priok : Isah, onze pembantu, staat met hondje Kwila, in haar armen, ons uit te zwaaien. De haven wemelt van vertrekkenden met hutkoffers en uitzwaaiers en ook hiervan is er een foto, genomen vanaf het dek. Huilende mensen. Mijn zus Irene was 11 en ik 8, keken onze ogen uit naar al deze taferelen en ik vond het vooral heel spannend wat er allemaal zou gebeuren. Vanaf het dek gooiden we sinaasappels naar de achterblijvers en een loeiende scheepstoeter kondigde de afvaart aan. Het schip, de “Oranje’ was indrukwekkend groot. Ons gezin van 4 personen had een eigen hut, tweede klasse met een patrijspoort boven de waterlijn. Alles aan het schip maakte indruk op mij: de lange dekken, de hal met een imposante trap en de mooie eetzaal. Elke dag kregen we een grote appel. De daaropvolgende weken hadden een vast patroon: ontbijt, lunch en diner, afgewisseld met diverse activiteiten. De kinderen moesten elke dag na het ontbijt een rondje over het grote dek rennen onder leiding van een man met een fluitje. Al snel kreeg ik hier een een hekel aan en verzon manieren om daar onder uit te komen door me te verstoppen. De eerste haven na ons vertrek was Singapore, waar we aan land gingen om oa een park van Tiger Balsem te bezoeken. Wat leek dit land nog veel op Jakarta! Na Singapore begon een ander Azië . Op het dek stond een platte tafel met een glazen deksel met daaronder info over reisduur en bestemming, aangegeven met vlaggetjes. Zo kon je zien wat de volgende haven was en hoeveel dagen de reis ernaar toe duurde. De reis van Singapore naar Colombo (huidige SriLanka), dwars de Indische Oceaan over, duurde dagen en voor sommige passagiers was hij een kwelling, omdat de zee je enige uitzicht was. In Colombo aan land gegaan en een tempel bezocht. Mijn zus en ik kwamen de tijd door met spelletjes, slapen, eten en het schip verkennen. Naar een lager dek, de 3e klasse was geen probleem. Het viel me op dat passagiers op dit dek met veel minder genoegen moesten nemen. Hun patrijspoorten zaten onder de zeespiegel. De 1e klasse werd verboden gebied verklaard en daar mochten we niet komen. Op het achterdek konden de mannen kleiduiven schieten. Mijn ouders leerden tijdens de reis de familie Welvaart kennen; hiermee hebben later nog lang contact mee gehouden. Colombo – Suezkanaal – Port Said Vergeleken met de Oranje leek het Suezkanaal wel een sloot, zo smal. De volgende halte was Port Said. Zodra het schip stillag, klommen meteen tientallen kooplui met touwladders naar boven. Mijn ouders kochten diverse poefs en 2 houten kameel dromedaris zadelkrukjes . Ik vergaapte mij aan de goochelaars. Helaas wilde mijn vader niet mee met een excursie naar de pyramiden vanwege de middaghitte in de woestijn. Port Said – Genua Samen met mijn vader stond ik aan dek toen we de Middellandse Zee binnenvoeren en ik rilde van de kou;logisch, want het was immers winter in Europa. In de verte zagen we de Stromboli oprijzen. In Genua gingen we aan land en onze eerste kennismaking met Italiaanse pasta was geen onverdeeld genoegen, want die rare bami met citroen en kaas smaakte nergens naar! Genua – Straat van Gibraltar – Golf van Biskaje – Souhthampton Van deze route herinner ik me alleen nog maar de onrustige Golf van Biskaje, mijn eerste kennismaking met zeeziekte. Tijdens het ontbijt voelde ik een misselijkheid opkomen die daarna , voor mijn gevoel, wel een paar dagen duurde. Ons hele gezin werd ziek en pas vele jaren later voelde ik een medelijden met het personeel die de verstopte wasbakken in de hutten moesten schoonmaken. De eetzaal was leeg en als je toch het lef had om soep te bestellen, zag je die bijna over het bord lopen. Southhampton – Amsterdam – Nijmegen De laatste etappe naar een nieuwe woonbestemming. In Jakarta had ik weleens plaatjes van de Hollandse seizoenen gezien, waaronder een afbeelding met sneeuw. Het was medio januari 1959 toen we na ruim 3 weken varen in Amsterdam aankwamen. Een ouderwetse winter met veel sneeuw, die tot aan onze knieën reikte. Aan de kade stonden een zus van mijn moeder samen met haar man ons op te wachten. Meer dan 10 jaar hadden ze elkaar niet gezien. Ontschepen zal zeker een tijd geduurd hebben en ik moest 2 winterjassen over elkaar aantrekken. Nijmegen Gelukkig gingen we niet naar zo’n naargeestige pension, maar naar mijn tante en oom in Nijmegen. Twee gezinnen met 5 kinderen in een kleine eengezinswoning. Na een week kreeg ik een sneeuwbal recht op mijn neus geslingerd en we sliepen met handschoenen aan in bed. De lege houten container heeft maar heel kort op een weidje voor het huis gestaan. Een klein fortuin aan tropisch hout. Kort daarna vervolgden mijn zus en ik ons schooljaar, zij in de 5e klas van een nonnenschool (met een verplichte rok over een lange broek) en ik in de 3e. Samen met nog 2 Indische jongens kwam ik in een gemengde 2e/3e klas in een houten barak. Mijn vader kreeg niet de baan die hem in Jakarta werd beloofd en stond een paar weken later aan de lopende band van een gloeilampenfabriek. Een half jaar later verhuisden we met ons gezin naar een nieuwbouwwoning. Nawoord Mijn reis met de Oranje heb ik vaker verteld, waardoor ik me daar nog vrij veel van herinner. Voor het eerst echter, heb ik hem op papier gezet en de Verhalenvanger leek me hiervoor een geschikte gelegenheid. Binnenkort ga ik naar een themabijeenkomst over migratie, in combinatie met een bezoek aan de Oranje expositie. Bovenstaande herinneringen vormen een feitenrelaas en hierbij heb ik bewust de aanleiding en gevolgen van deze gedwongen migratie achterwege gelaten. Waarom we naar Nederland gingen en de gevolgen daarvan, heeft echter wel diepe en duidelijke sporen getrokken in ons leven. Hierover verhalen verdient een aparte plaats en dit zou ik graag met anderen willen delen. Reageer gerust als u dit aanspreekt. Chris Burki ( 06-36483038 / c.burki91@gmail.com) Nijmegen, 14 oktober 2018

Ook een verhaal? Deel het hier!

Reageer op dit verhaal

Nog geen reacties

Is er iets mis met het verhaal?